De zon bladert naar beneden,
in de roze gloed een mens, fiets, de hond
wachtend.
Gillende strepen van links naar rechts,
het blad verwaaid, sissend lauwbier uit blik.
Voorbij de restanten van een fiets,
zittend,
begin ik met niets doen.
Het nabeeld kijk ik af.